De B van Bali Belly

“TRANSPORT! TAXI!” wordt er in mijn rechteroor geschreeuwd. Met samengeknepen ogen staar ik naar honderden naam bordjes. “Hey boss, hey boss, transport?” Bij de informatiebalie roepen ze de naam van onze chauffeur om en bellen ze hem zelfs, maar de man heeft twee uur staan wachten en is allang weer naar huis gegaan. Na korte onderhandelingen vinden we een taxichauffeur die ons maar een beetje afzet. De steegjes naar het hotel zijn eigenlijk te smal, maar dat weerhoudt de chauffeur er niet van om het toch te proberen – hij blijkt een kei in achteruit rijden. De rijstijl verschilt niet van de rest van zuid oost Azië: bij twijfel, toeteren! In het hotel wacht het nichtje van Anouk ons op.

Op het strand drinken we bintang, verbazen ons aan het ontbreken van een jetlag en wennen aan de stroom sjacheraars. De meeste vrouwen sturen hun kinderen vooruit. De kinderen die wel gewoon naar school kunnen zien we elders op het eiland op gloednieuwe scooters rondscheuren. Zelf rijden we via de kustweg richting Amed. De bevolking is vriendelijk maar erg gericht op het verkopen van allerlei toeristische diensten, een stoplicht blijkt de ideale mogelijkheid om een hotelkamer of een speedboot aan te bieden. Mijn snelheidsmeter doet het niet, maar laat ik zeggen dat we erg gemakkelijk met het verkeer mee kunnen komen.

Na Amed is het tijd om een vulkaan te beklimmen. Onderweg eten we varken. Het eten van varken op Bali is een trots gebruik – men zet zich met dit statement af tegen het overwegend islamitische Indonesië. We eten nasi met tien varkensbereidingen.

IMG_2935

Gunung Batur, vrij vertaald “plukken wat je plukken kunt” of in dialect “betalen zul je!”, is een vulkaan die je alleen mag beklimmen onder toezicht van een nauwelijks meerderjarige gids. Om half vier worden we gewekt voor “de lange tour, met ontbijt en de apen, maar alleen voor jullie”. Met wat gezonde spoed lijkt beuken we een steeds steilere helling op. Deze haast lijkt bedoelt om voor de meute boven te zijn, zodat we überhaupt plek hebben om te zitten. Het is namelijk stervensdruk op deze vulkaan – de helft van de mensen behoort tot de groep ‘gidsen’. Na twee uur ploeteren zijn we ruim op tijd voor een prachtige bewolkte zonsopgang, samen met honderden anderen. Het ontbijt is een gekookt ei uit de stoom van de vulkaan en een onbegrijpelijke boterham met banaan. Wij, de geluksvogels, mogen vervolgens over de kraterwand langs een andere route naar beneden. Slenterend achter een groep bejaarde Chinezen komen we aan bij de apen. De apen worden verpest met banaan en popcorn, het is zelfs lastig een aap te vinden die niet al stampvol zit. Verder was het wel heel mooi!

Met honderden scooters, kleine vrachtwagens en enorme bussen kronkelen we door de heuvels naar beneden. De schaafwonden die ik met een klein scooter akkefietje heb opgelopen doen alleen pijn als ik loop, we rijden dapper voort. Vlak voor Lovina wordt ons weer een niet af te slaan aanbod gedaan voor accommodatie. We hebben nog een dag te overbruggen voordat we in het huis van de oom en tante van Anouk kunnen, dus we nemen het. Prachtige kamer, relatief schoon, gratis sjacheraars die van geen ophouden weten. Iedereen heeft internet dus als het eerste zoekresultaat zegt dat de dolfijnen snorkeltocht betekent dat je met 50 bootjes achter 1 dolfijn aan jankt, hoeft het voor ons niet. Nee, ik hoef ook niet naar een hanengevecht, zelfs niet als het ‘niet illegaal’ is.

In Nederland vindt ik een werkster het toppunt van luxe, maar op Bali ontkom je niet aan personeel. De tuinman is al een uur aan het sproeien en harken, zijn vrouw maakt ons ontbijt. We zijn de heuvel achter Lovina opgereden en mogen twee dagen wonen in het huis van de oom en tante van Anouk. Een huis zonder zwembad om het nog een beetje binnen de perken te houden, godzijdank kunnen we terecht in het zwembad van de buurman. Na twee dagen absoluut niks doen en het dankbaar naar binnen schuiven van de gekookte maaltijden rijden we met hoge verwachtingen naar Ubud. Ubud staat bekend om kunst en goed eten. Voor de gewone mens betekent dit kut kunst en duurder eten, dit doen we dan ook graag.

Om tien voor 1 ‘s nachts word ik wakker, licht misselijk, loop ik niets vermoedend naar het toilet. Waar ik in drie delen de act poep, pies en kots opvoer, met hier en daar een verwijzing en overlapping. Tijd voor Java.

IMG_2944